stad 01 boven verloop

Het bestuur heeft een zestal speerpunten benoemd waar zij zich de komende periode op wil richten als het gaat om te komen tot rechtvaardige en toereikende oplossingen voor het herstel en preventief versterken van onze eigendommen

 

  1. Behoud erfgoed:

    primair gaat het om de veiligheid van de eigenaar in dit gebied, maar ook de belangen van het behoud van het erfgoed zijn belangrijk: er moeten voldoende maatregelen getroffen worden dat het gebouwde erfgoed deze gaswinningsperiode kan doorstaan. Daarbij moet er een goed evenwicht zijn tussen het versterkingsniveau en de veiligheid van de eigenaar, waarbij de laatste uiteindelijke beslist.

  2. Status aparte:
    
alle rijks- en gemeentelijke monumenten, beeldbepalende en karakteristieke panden moeten in het aardbevingsgebied een bepaalde minimumbescherming en -behandeling genieten gedurende de gaswinningsperiode en de seismisch actieve periode er na. 

  3. Eigenaar centraal:
    de eigenaar moet centraal gesteld worden in het proces en hij of zij moet de regie weer volledig in eigen handen hebben. De eigenaar heeft het laatste woord als het gaat om de manier van herstellen, de mate van versterken en het bepalen van de waarde van zijn of haar eigendom. Zijn keuze kan en mag geen consequenties hebben voor de aansprakelijkheid in geval van calamiteiten. De aansprakelijke partijen blijven ten allen tijde verantwoordelijk voor de gevolgen van de aardbevingen.

  4. Pragmatische aanpak:
    primair gaat het om de relatie tussen eigenaar en aansprakelijke partij(en). Op deze lijn moet zo weinig mogelijk ruis komen en instanties als het NCG moeten hierin een faciliterende rol hebben. Dit is de basis om gezamenlijk vanuit het conflictmodel naar een oplossingsmodel te werken. In dit model moet vooral gestuurd worden op de overhead kosten: deze staan momenteel in geen verhouding met de schadevergoedingen.

  5. Herstel van vertrouwen:

    eigenaren hebben, vijf jaar na de kentering, geen of weinig vertrouwen in de overheid als het gaat om het krijgen van passende en toereikende oplossingen. Gezamenlijk moet er aan gewerkt worden het vertrouwen terug te winnen: niet door over de eigenaren te beslissen, maar vooral mét de eigenaren. De eigenaren moeten weer vanuit hun gemotiveerdheid/kracht kunnen handelen: dit betekent dat zij op een goede manier gefaciliteerd moeten worden in het delen van kennis en ervaring. Maar ook moet elke eigenaar ondersteund of begeleid worden door een zelf gekozen restauratie-architect.

  6. Governance:

    er moet minder sturing zijn vanuit EZK, meer vanuit OCW en vanuit de regio zelf. Er moet gelobbyd worden bij de politiek en beleidsmakers als het gaat om het realiseren van de genoemde speerpunten. Dit geldt voor zowel de lokale overheid als de landelijke overheid. De rol van EZK moet in evenwicht zijn met die van OCW en de regionale overheden als het gaat om bescherming van het bedreigde erfgoed in het aardbevingsgebied. De bestuurlijke ‘neuzen’ moeten met betrekking tot erfgoedbescherming de juiste kant op komen te staan.

stad 01 onder verloop

{KomentoEnable}